Ontspullen: wat te doen met tastbare herinneringen?

Ik (Natasja) heb een houten kistje, beplakt met schelpen. Veel schelpen zijn stuk en tussen de schelpjes op het deksel heeft stof zich opgehoopt. De kist is me heel dierbaar: hij is gemaakt door mijn overgrootvader. Zijn naam staat op een klein papiertje op de onderkant. In dit kistje bewaar ik al sinds mijn puberteit mijn tastbare herinneringen: mijn dagboek ligt erin, mijn poëzie-album, mijn ‘kletsschriften’ met vriendinnen van de middelbare school en een hele hoop brieven. Liefdesbriefjes van jongens van de basisschool (zooo schattig!), brieven van penvriendinnen en een liefdesbrief van mij aan een onbekende ober in Spanje. Nooit verstuurd, maar zo grappig om nu terug te lezen.

Ontspullen, ontspullen, ontspullen, dat is al maanden onze mantra. La voor la, kast voor kast ruimen we ons huis op en doen alles weg waar wij niets aan hebben. Een la vol kantoorartikelen is gemakkelijk te ontspullen. Van de 46 pennen (!) konden we er best een paar missen. En we hebben ook echt geen dertig USB-kabeltjes nodig of oude opladers voor apparaten die we al niet eens meer hebben. Onze kledingkasten hebben we al samengevoegd en ik denk dat we best met nog wat minder kleding toe kunnen. Ik ben zelfs al begonnen aan het weggeven van mijn boekencollectie. Ik dacht daar heel veel moeite mee te hebben, maar het gaat eigenlijk verrassend gemakkelijk. De meeste boeken lees ik maar één keer en staan vervolgens stof te verzamelen in de kast. Ja, het staat gezellig, maar als dat de enige reden is om ze te bewaren…

kistje_artikelMaar dat kistje, met die herinneringen, hoe past dat bij een minimalistisch leven? Er zitten herinneringen in die me laten zien hoe ik op de basisschool was: heel veel briefjes van mijn beste vriendin (“ik weet dat jij straf hebt en dat vind ik niet leuk”; wat had ik gedaan, mam 🙂 ?), schattige ‘ik ben al een week op jou, wil je verkering met mij’-briefjes en de uitslag van mijn Cito-toets, waaruit al bleek dat wiskunde niet mijn sterkste punt is. Er zit een hele lading brieven van verschillende penvriendinnen in. De namen zeggen me niets meer, maar het is wel leuk om terug te lezen. Het meest dierbaar zijn mijn dagboek en mijn poëziealbum. In mijn dagboek zie ik, naast de verslagen hoe mijn dag was en op wie ik nu weer verliefd was, dat de oorlog in Irak veel indruk op me maakte. Het was de eerste oorlog die via televisie te volgen was, voor mij, en ik kan me nog de groene lichtjes boven Bagdad voor de geest halen. In mijn dagboek vind ik krantenknipsels uit die tijd. En in mijn poëziealbum staan de meest schattige gedichtjes van toenmalige vriendinnetjes. Deze bijvoorbeeld:

versje
Hoe geëmancipeerd 😉

In het tiny house hebben we weinig opbergruimte. En de ruimte die we hebben, moeten we goed benutten. Dus eigenlijk zou ik mijn schelpenkist met al die briefjes, dagboek, zwemdiploma’s, cito-scores en poëziealbum ‘moeten’ ontspullen. Ik heb alles gisteravond bekeken. Er zaten een hoop enveloppen in en wat papieren die echt wel weg konden. Ongeveer een derde van de stapel kon bij het oud papier. Maar nu hou ik nog een goedgevulde kist over. Ik zou een deel van het spul kunnen digitaliseren. De oude foto’s (van mijn klassen op de basisschool en middelbare school, zo leuk!) bijvoorbeeld en de kaartjes die ik in de zomervakantie van vriendinnen kreeg (die goede oude tijd dat we nog kaartjes stuurden). Maar hoe zeker is het dat ik die bestanden nog kan inzien wanneer ik vijfentachtig ben? En ben ik ze dan niet allang kwijt geraakt? Ik heb nu al zoveel digitale ‘rotzooi’ waar ik geen wijs uit kan worden, op mijn laptop en een externe harde schijf.

Bovendien is het gevoel van het item weg wanneer het gedigitaliseerd is. Ik weet dat opruimgoeroes benadrukken dat de herinnering in je hoofd zit en niet in het item, maar de spullen in mijn schelpenkistje zorgen er juist voor dat ik het me kán herinneren. Eens in de zoveel tijd kijk ik er weer eens in en dan komen bepaalde gebeurtenissen of personen weer terug. Zonder die briefjes of mijn dagboek zou ik het vergeten en dat zou ik zonde vinden. En het is zo leuk om die briefjes echt in handen te hebben, in plaats van staren naar een digitale versie. Ook ervaar ik dagelijks hoe mooi het is wanneer je ouder bent en je door middel van documenten uit het verleden terug kunt kijken op je leven. Voor mijn werk als redacteur van biografieën zie ik de waarde van zulke persoonlijke archieven.

Ik heb dus besloten dat mijn schelpenkistje blijft. Mét daarin al die briefjes, mijn dagboek, mijn poëziealbum en rapporten. Met hun specifieke geur die steeds ‘ouder’ ruikt en de gerafelde randjes van het al jaren meeslepen. Een minimalistisch leven is mooi, maar tastbare herinneringen kunnen daar zeker een plekje in hebben!

Advertenties

3 comments

  1. Dat schelpenkistje is erg leuk, zeker als er zo’n familiegeschiedenis aan vast hangt! Je moet inderdaad minimaliseren waar je je goed bij voelt. Zelf heb ik alle papierwerk ingescand (briefjes, kaartjes, diploma’s…) en weg gedaan. Persoonlijk voel ik mij daar beter bij. Maar ik het ook een herinneringendoos hoor met allerlei spulletjes (o.a. poëzie) die ik wil bewaren 🙂

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s